Blog

Mysterieus Candomblé

Wie in de 17 e eeuw langs de Afrikaanse kust gevangen werd genomen, en door onze voorouders verhandeld als koopwaar in ruil voor buskruit, alcohol, sieraden en textiel, kwam na een barre bootreis meer dood dan levend aan in de Allerheiligenbaai van Salvador. Beroofd van hun vrijheid en waardigheid werden zij gekeurd en gekocht door slaveneigenaren  om vervolgens tewerkgesteld te worden in huizen, op de suikerplantages of in de goudmijnen. Het enige dat hen niet kon worden afgenomen waren hun Afrikaanse wortels, hun cultuur, hun identiteit.
Wij zijn even terug in Salvador waar de Braziliaans-Afrikaanse cultuur, ondanks 150 jaar wrede onderdrukking nog steeds overleeft, en gaan een middag op stap met gids Isaco om meer te weten te komen over de mysterieuze religie Candomblé. Mysterieus omdat Candomblé vaak ondergronds – in het geheim – moest worden gepraktiseerd en nog steeds iets is dat achter gesloten deuren gebeurt.
We gaan eerst naar het Afro- Braziliaanse museum, bezoeken een Candomblé tempel en tenslotte het huis van de Franse fotograaf  Pierre Verger die niet alleen prachtige foto’s maakte van Candomblé- rituelen maar ook zelf ingewijd werd in deze religie.
Het museum heeft een aantal bijzondere Candomblé- symbolen en beelden die verbonden zijn aan de verschillende orixa’s ( goden) die de volgers van Candomblé vereren. Het meest indrukwekkend is echter een ruimte waar wandvullende houten panelen hangen waarin de belangrijkste Orixa’s, hun symbolen en dieren die met deze goden geassocieerd worden levensgroot zijn afgebeeld. Het is het werk van de Argentijnse beeldhouwer Carybé, een kunstenaar die  in 1950 definitief naar Salvador kwam en zich liet inspireren door Candomblé.
Slavenbezitters waren  bang dat religieuze praktijken zoals Candomblé gebruikt zouden worden om opstanden te plannen, iets dat inderdaad vaak gebeurde. Dat leidde ertoe dat in 1835 drummen, dansen en bijeenkomsten in de avond voor tot slaaf gemaakten verboden werden. Afrikaanse cultuuruitingen, zoals de vecht- verdedigingsdans Capoeira en Samba- muziek werden ernstig onderdrukt omdat het verzet tegen de slavernij zou promoten. Capoeira is nog steeds heel populair en is nu een vechtsport , -kunst met sierlijke schijnaanvallen tussen twee dansers die elkaar uitdagen. Oorspronkelijk was het een dans die kon doden. Met acrobatische trappen, soms zelfs met scheermessen tussen de tenen, gericht op borst, keel of hoofd konden tot slaafgemaakten zich verdedigen. De muziek van tokkelende Belimba’s  ( een soort snaar aan een buigzame tak met een kokosnoot als klankkast) en roffelende drums die de “dansers” begeleiden,  kondigden door middel van verandering van ritmes naderend gevaar aan, zodat de groep zich tijdig op kon splitsen.
Wij gaan op bezoek bij een  Candomblé tempel, een terreiro, verstopt achter een jungle van bomen in een buitenwijk van Salvador. Een smalle witte trap leidt ons omhoog langs o.a  een beeld van de godin  Lemanjá, de godin van de zee,  moeder van de vissen en de beschermheilige van de vissers. We passeren eerst een hele dikke oude heilige boom omwikkeld met heel veel meters niet meer zo wit laken bijeengehouden in een feestelijke strik. Aan de voet van de boom staan grote kruiken. Schildpadden scharrelen er rond en doen zich tegoed aan resten van offerandes. Hier huist de godheid Ossanha, de god van de bladeren, geëerd vanwege zijn kracht om zieken te genezen en de dood af te weren door het gebruik van medicinale kruiden.
De volgende heilige boom die we passeren, een jackfruit boom, is versierd met kleurige linten en rode doeken. Onderaan de boom staan beelden van uilen. De boom wordt bewoond door godin Onilé  de godin van de aarde, moeder aarde. Het leven op aarde hangt van haar af en zij wordt steeds belangrijker nu de aarde zo onder druk staat.

De gemeenschap van deze terreiro viert binnenkort haar 200e bestaan. De sfeer is een beetje geladen, men is druk met voorbereidingen, er wordt schoongemaakt, vrouwen rijgen slingers van gekleurd papier, iedereen is bezig maar stil, in afwachting van wat komen gaat. Een oudere ingewijde met zachte ogen geeft ons een rondleiding over het complex. Hij wijst ons op een ruimte waarachter een keuken is, iedere godheid heeft hier zijn eigen keuken waar offerandes worden klaargemaakt. Ook heeft iedere God zijn eigen ruimte voor diens heilige attributen, alles achter gesloten deuren. We kunnen een financiële donatie geven aan deze terreiro, die tevens een grote groep daklozen voedt en wiens voortbestaan afhankelijk is van giften en dat wat men in  winkeltje verkoopt. Dat doen wij natuurlijk graag. Eerst gaan de schoenen uit voor we de feestelijke ruimte waar de vrouwen bezig zijn mogen betreden. Peter stopt het geld in een pot en in ruil daarvoor wordt hij gereinigd met handenvol popcorn. Heel veel popcorn gaat over zijn hoofd, langs zijn rug en zijn armen, daarna krijgt hij nog een handvol mee om op te eten en is hij klaar. Daarna is het mijn beurt. De douche van popcorn is bijzonder maar vooral het gemeenschapsgevoel bij deze groep vrouwen is voelbaar als ik in hun kring sta. Foto’s zijn niet toegestaan. Argeloos had ik inmiddels al twee heilige bomen op de plaat gezet, wat niet de bedoeling was, die zal ik niet laten zien, om de goden niet verder te verontrusten.

Dan is het tijd om de heilige Candomblé ruimte te betreden, waar de vieringen plaatsvinden. Deze terreiro eert bovenal Oxumarê, de god van de transformatie, symbolisch verbeeld in een slang ( die immers van huid wisselt) en de regenboog (als de zon verschijnt na een regenbui). Het plafond van de ruimte is een hele grote regenboog, gemaakt met slingers van reepjes gekleurd papier. Er is een stoel voor de priester die de ceremonies leidt, versierd met een kronkelige slang. En in midden van de ruimte staat een soort stupa, een bergje met daarop een feestelijk versierde kroon, in de berg huizen de voorouders. Ik vind het een prachtig gedachtengoed, dat geesten van voorouders regelmatig worden uitgenodigd en zo deel uitmaken van het leven. Dat het leven circulair is,  wat nu of in de toekomst gebeurt, gebeurde eerder  bij onze voorouders en bij de goden. En  als wij naar ze luisteren,  kunnen wij veel van ze leren. Dat er zelf een geest in je huist die soms een andere geest tijdelijk te logeren krijgt, is ook fijn, al gaat dat wel vaak gepaard met wegrollende ogen, schokkende bewegingen en woest geschreeuw.

Tenslotte wijst  hij op de deur waarachter de initiatie van nieuwe ingewijden plaatsvindt. Het duurt zeker 7 jaar en soms veel langer voor het je tijd is, het is een kwestie van geroepen worden, niet zozeer een keuze. De voorbereiding duurt 21 dagen waarin je volledig gereinigd wordt, geen alcohol, geen sigaretten, geen seks, en al je haar wordt eraf geschoren. Ongetwijfeld is dit slechts het begin van wat komen gaat. Ik zag  prachtige foto’s van Pierre Verger van vrouwen met wit gestippelde hoofden, die worden ingewijd. Wat er verder achter die deur en in deze ruimte gebeurt zal voor ons altijd een mysterie blijven.

De man met de zachte ogen blijft mij steeds vriendelijk maar indringend aankijken en blijft tegen mij praten in het Portugees waar ik natuurlijk weinig van begrijp. Het rare is dat hoewel ik nooit eerder met Candomblé heb kennisgemaakt, ik een energie voel die mij ontroert, mijn ogen vullen zich met tranen, waarvan ik niets begrijp. De gids vertelt mij dat dit precies zo gebeurde bij de man met de zachte ogen, toen hij hier voor het eerst kwam, hij is er nooit meer weggegaan…..

Voor degene die net als ik van de hoed en de rand willen weten, zal ik met dank aan onze gids en Wikipedia nog wat extra toelichting geven.

De tot slaaf gemaakten die in de Allerheigenbaai van Salvador arriveerden kwamen veelal uit Angola, Benin en Nigeria. Zij spraken niet dezelfde taal en vereerden verschillende goden. In Afrika zijn er wel 200 verschillende goden, in Candomblé zijn er ongeveer 25 overgebleven. Bij het organiseren van geheime religieuze bijeenkomsten ontstond er een pragmatische mix van goden die werden vereerd. Omdat het zo gevaarlijk was om bij elkaar te komen, werden katholieke beelden ter afleiding gebruikt. Bij een dreigende inval werden Candomblé  symbolen verstopt en ging men snel voor de katholieke beelden op de knieën, dat was immers niet verboden. In de  loop van de tijd zijn uit deze mix van goden zowel candomblé als umbanda ontstaan, beiden vereren dezelfde goden maar in umbanda mixen ze het nog steeds met gebruiken vanuit andere
(katholieke) spirituele tradities, terwijl Candomblé de pure vorm van de oorspronkelijk Afrikaanse Yoruba traditie is.
Candomblé heeft als basis de traditionele Afrikaanse religie van onder andere voorouderverering. Het voornaamste kenmerk is het geloof in een andere, parallelle wereld van geesten en het maken van contact daarmee door zang, dans, muziek en offerandes. Het contact vindt plaats doordat een geest bezit neemt van een aanwezigen bij de ceremonie. Elk levend lichaam ( dus ook bomen, dieren, etc) heeft al een geest als eigenaar, maar het is voor sommige deelnemers aan de Candomblé mogelijk om als gastheer op te treden voor een andere geest. Het is een eer als een ingewijde gastheer mag zijn voor een machtige voorouder of godheid. Zij worden gelokt door bepaalde muziek, fruit, bloemen of andere attributen. Binnen de Candomblé beweging geldt een hiërarchie van ingewijden. Een ingewijde herkent door het gedrag van diegene die bezeten is, wat voor geest bezit heeft genomen van een deelnemer.
Met behulp van een Ifa orakel, een speciaal bord  waarop een  Babalawo of Ifa-priester steentjes of  schelpjes werpt, worden aan de hand van specifieke Ifa- teksten, Odu genaamd, boodschappen van geesten geïnterpreteerd. Elk Odu heeft zijn eigen voorspellend karakter, bepaald door de Balabawo die hiervoor heilige palmbonen en een voorspellingsketting gebruikt.
De zwart-wit foto’s komen uit het fotoboek Orixa’s van Verger, die na lange studie zelf ook ingewijd is tot Ifa-priester.
Na heel lange periodes van verbod en restrictie, duurde het tot 1976 voordat Candomblé werd gelegaliseerd maar dat betekent niet dat het volledig word geaccepteerd. Er is nog steeds een wet nodig tegen religieuze intolerantie en er worden nog steeds gewelddadige aanvallen uitgevoerd op candomblé symbolen, beelden, tempels en volgers. Dat laatste gebeurt steeds vaker door luidruchtige evangelisten die in opmars zijn in Brazilië en die geloven dat Candomblé een verbond met de duivel is. In de westerse cultuur, denk aan films, zijn er ook altijd vooroordelen gebleven. Men denkt bij Candomblé al gauw aan zwarte magie en misschien aan het steken van pinnen in voodoo- poppetjes, wat overigens ook bij het Voodun geloof op Haiti op waanideeën is gebaseerd.
TRANSLATE