Blog

Incallaqta

Strategisch gelegen op een berghelling, omringd door diepe ravijnen, ligt de grootste Inca- stad van Bolivia, Incallaqta. Het is niet gemakkelijk te bereiken, vanaf de Ruta 7 rijden we nog zo’n 35 km over een  klinkerweg door vruchtbare valleien, kruipen zigzaggend omhoog langs vredige dorpen met een lappendeken van akkertjes, steken nu en dan een riviertje over en lopen het laatste stuk door jungle tot we op een  groot open plein staan.
In de late 15 e eeuw diende Incallaqta als een belangrijk militair fort, een administratief centrum en ceremoniële buitenpost aan de oostgrens van het enorme Inca-rijk. De stad werd rond 1463 gesticht onder leiding van Inca- heerser Tupac Inca Yupanqui en later herbouwd en uitgebreid door Huayna Capac. We lopen helemaal in ons eentje door de restanten van het fort. De sfeer is magisch, we klauteren over eeuwenoude stenen, door kniehoge goudgele grassen, verdroogde distels en kruidige bloemen en horen steeds het water ruisen in de rivier die onder ons door het ravijn loopt.

default

default

We lopen om het  centrale plein heen en komen al vrij snel bij het geraamte van een enorm bouwwerk waarvan nu nog de muren deels overeind staan met daarin 44 nissen, de Kallanka. Dit gebouw had toen muren van wel 7 meter hoog met daarop een enorm overhangend zadeldak van hout en riet, gesteund door drie rijen van wel 24 massieve pilaren. Hier kwamen de Inca-heersers en lokale elites bij slecht weer samen  voor feesten en rituelen die gekoppeld waren aan de ceremoniële kalender. Stel je voor, ’s avonds  in de nissen brandende fakkels, en de Inca- heerser die  omringd door de rook van verbrande coca bladeren in een massief gouden draagstoel door 80 edelen het fort binnengedragen wordt. Als afstammeling van de zonnegod was hij een oogverblindende verschijning.  Gekleed in de meest verfijnde geweven textiel met enorme gouden oorringen, een grote glanzende gouden zonneschijf op zijn borst, gouden manchetten en enkelbanden en op zijn hoofd een ceremoniële hoofdband van gevlochten kleurrijke wol met daaraan een kwast van rode en gouden draden die precies over zijn voorhoofd viel. Bovenop staken drie zeldzame vogelveren omhoog. In zijn hand droeg hij de gouden scepter in de vorm van een hellebaard of bijl. Overdag in het zonlicht dat reflecteerde op al dat goud leek het alsof de zonne- god  Inti op aarde was neergedaald.
Het was echter niet alle dagen feest en als we verderop bij restanten van de militaire verdedigingsmuur komen, met uitkijkposten over de diepe ravijnen, stel ik me de wisseling van de wacht voor van de soldaten die het fort en de daar achter liggende vruchtbare valleien moesten beschermen tegen de Chiruguano’s uit het lage achterland, nu een deel van Paraguay  en Brazilie. Dat waren heldhaftige strijders die zich met guerrilla technieken lange tijd succesvol bleven verzetten tegen de Inca- overheersing. Zij klauterden bij mist als acrobaten langs de hoge muren vanuit het ravijn omhoog of beukten met stormrammen de houten deuren van het fort kapot en overmeesterden met duizenden tegelijkertijd de soldaten, om zich vervolgens met geroofde metalen schatten weer terug te trekken in de jungle. Dat waren bloedige gevechten van man tot man en hoewel de soldaten een helm van hout en gevlochten riet droegen en een dicht gewatteerd wollen tuniek dat hen beschermde tegen speren, waren dit gevreesde tegenstanders. Met steen- slingeraars, zware knuppels met een stekelige kop van metaal  waarmee je botten kon breken en een werp- wapen van leren riemen met daaraan stenen die om de benen van de vijand werden gegooid, deden zij hun uiterste best om een inval te voorkomen.

default

Om het plein zien we de resten van woningen waar onder andere de priesters, de soldaten en een uitverkoren groep vrouwen woonden. De vrouwen weefden textiel en kookten het voedsel dat de soldaten sterk en energiek moesten houden. Het menu bestond uit aardappelen, mais en gedroogd vlees van lama’s of alpaca’s. En constant stonden de wangen van de soldaten bol van coca bladeren waarop ze kauwden, wat hielp tegen de honger, de vermoeidheid en de ijle lucht op 3000 meter hoogte. Ook brouwden de vrouwen chicha, het ceremoniële maisbier, hielpen de priesters bij ceremonies, verzorgden de gemummificeerde lichamen van koninklijke Inca- voorouders, en dienden zij als geschenk, als echtgenote of bijvrouw aan belangrijke edelen. Een heel klein deel van hen,  de meest perfecte en pure vrouwen ( of kinderen), werden levend geofferd aan de Goden tijdens ingrijpende gebeurtenissen, zoals een hongersnood, een oorlog of het overlijden van een keizer. Als je iets meer wil lezen over deze offers, klik dan hier:De kinderen van Llullaillaco
Verspreid over het terrein zien we resten van ronde opslag silo’s waar  het gevriesdroogde voedsel werd bewaard.
Midden op het plein staat een grote platte steen, een spreekgestoelte voor de heersers en een offeraltaar waar lama’s en andere kleine dieren werden geofferd.
Het fort had ook toegang tot een kleine waterval, die niet alleen de rivier in het ravijn voedt maar de stad ook voorzag van drinkwater en waar rituelen t.b.v. panchamama , moeder aarde, werden uitgevoerd. Daar dichtbij staan de resten van een toren, die waarschijnlijk gebruikt werd als astronomisch observatorium of kalender om zonnewendes en landbouwseizoenen mee te bepalen.
Lopend tussen de met ongelijke stenen gestapelde en met modder en klei gelijmde muren, genieten we van de stilte van deze bijzondere  spirituele plek. Overal groeien nu planten tussen de eeuwenoude stenen en in het strijklicht van de namiddag wuiven de hoge pollen gras tussen de her en der verspreidde bemostte grote keien. Om ons heen de bergen en valleien die nog steeds bebouwd worden door coca kauwende boeren en kleine oersterke vrouwen met korte kromme benen onder wijde rokken en prachtige lange vlechten.
TRANSLATE