Blog

Fisherman’s trail 3

We maken nog drie wandelingen langs het kustpad, de eerste van Zambujeira do Mar in de richting van Praia Carvalho. We zien ooievaars nestelen op winderige steile kliffen en rotspunten, een nogal ongewone plaats als je niet kan zwemmen of duiken om vis te vangen. Het zijn de enige ooievaars ter wereld die boven zee hun nesten bouwen omdat  graslanden hier vlak achter de kust liggen waar voedsel  gemakkelijk te vinden is.  Zo hoog op een rotspunt in zee heb je weinig last van roofdieren maar echt rustig broeden in die onstuimige zeewind vraagt om een stevig nest. Samen bouwen ze een basis van grotere takken die het nest op de rotspunt verankeren. Daarna worden de randen opgevuld en verstevigd met kleinere takken, gras. en plakkerige modder waarmee ze de kieren dichten. Ze wriemelen de boel in elkaar en drukken met hun gewicht het nest stevig aan. Het wordt een diep komvormig nest  met  een brede basis en hoge stevige randen waar de kuikens de eerste weken laag en plat liggend beschutting vinden. Het is nogal een klus om zo’n meesterwerk te bouwen, daarom keren ze ieder jaar weer terug naar het nest. De eerste die er aankomt pikt het nest in. Met een nieuwe of de oude partner wordt de boel verstevigd waardoor zo’n nest na meerdere jaren wel honderden kilo’s kan gaan wegen.

De eerste vlieglessen lijken mij nogal spannend. De ouders blijven in de buurt, moedigen ongetwijfeld aan maar wachten rustig af tot het kuiken zich over de rand durft te laten “vallen”. Dan is het een kwestie van vleugels spreiden en een klein rondje zweven rondom het nest. Woosh daar ga je, hoog boven de golven, je vliegt! De opwaartse thermiek langs een klif geeft een lift en dat helpt enorm. Zodra het jong kan staan moet het in het nest voortdurend balanceren in de stevige wind. Het blijven  lange magere zeebenen maar het geeft ze de kracht om al na een week of twee na de eerste les verder weg te kunnen vliegen en te oefenen met het landen op smalle richels. Ooievaars zijn geen fladderaars maar zweefvliegers, het klapperen met hun vleugels kost veel kracht. Dat vraagt om slimme navigatie. Zo wachten ze met zijn allen bij Gibraltar op gunstig weer en steken vaak met windje mee de relatief smalle plas water over.

 

 

In de kleine vissershaven van Azenhas do Mar worden de boten  op het land getrokken en zien we heel veel manden van draadstaal waarmee krabben, kreeften en octopussen worden gevangen. Hier vlakbij waar harde branding en sterke stroming continu tegen de ruige rotsen slaan worden soms ook eendenmosselen gevangen. Deze eendenmosselen of percebes  groeien op steile rotswanden net boven en onder de waterlijn. Het is een van de gevaarlijkste vormen van kustvisserij en niet iedereen  kan en mag ze zomaar vangen. De vissers kiezen momenten met een lage zee en relatief rustig weer. Met wetsuit, helm, een veiligheidsharnas en een touw om zich aan de rotsen te zekeren  laten zij zich langs de steile rotswand zakken en wrikken zij met met een beiteltje de mosselen van de rots.  Zie je ze daar al hangen, als ware acrobaten, bungelend aan een touw? Ze wachten tot een golf zich terugtrekt, moeten dan heel snel werken en bij een aankomende volgende golf klemmen zij zich vast aan een rotsrichel of het touw. Het gevaarlijkst is niet de eerste klap van de golf  maar het terugstromende water dat hen van de rotsen kan meesleuren. Als de zee te wild wordt geeft de visser een signaal  en trekt een man boven op de klif  hem omhoog. Soms hangen ze maar een paar meter boven de beukende golven. Spectaculair natuurlijk maar levensgevaarlijk. Percebes is een kostbare delicatesse die soms in de visrestaurants op het menu staat. Ik heb geen idee of het lekker is, het zou een heel sterke zilte oceaansmaak hebben, nog sterker dan oesters, dus echt iets voor liefhebbers.

Wij wandelen naar het Amalia-strand dat vernoemd is naar Amalia Rodrigues, de beroemde fadozangeres, die zich in de jaren 60 terugtrok in haar witte villa boven het strand. Waarschijnlijk hebben haar melancholieke liederen geklonken tot op de klif vanwaar wij uitkijken op haar strand.

Vanaf Almograve maken wij onze laatste wandeling. Hoe noordelijker we gaan hoe zanderiger de paden. De kliffen zijn nu minder steil maar de uitzichten met groene duinen, okerkleurige rotsen en de smaragdgroene zee zijn prachtig. Wij klunen over dichtbegroeide duinen langs verlaten stranden en rotsformaties die in bizarre bogen omhoog zijn gestuwd. We passeren een haventje waar poezen doezelen tussen de vissige manden en dromen over ….vis.  Bovenop het uiterste puntje van een in zee uitstekende klif luisteren we naar het geraas van de opspattende golven die onze voeten net niet raken. Ik zal het geluid thuis als souvenir koesteren, mijn zoute huid bedenk ik er wel bij. Wij hebben genoten van de mooiste trajecten van de Fisherman’s trail,  er worden buien voorspeld,  het wordt tijd om moe maar voldaan huiswaarts te gaan. Als jullie dit bericht lezen genieten wij thuis van het comfort van warm water uit de kraan, een dagelijkse douche en het ontluikende groen in de tuin.

Screenshot

TRANSLATE